> Algemeen
> Behandeling
> Terugvalpreventie
> Behandelprotocollen
> Literatuur
Behandelingen worden vormgegeven op basis van “best practice” en wat er bekend is in de volwassen psychiatrie. Voor de behandeling van boulimia nervosa vormen cognitieve gedragstherapie en interpersoonlijke psychotherapie de basis van de behandeling en voor anorexia nervosa is dit gezinstherapie. In (bijna) alle gevallen wordt het gezin betrokken bij de behandeling. Omdat er nauwelijks behandelprotocollen beschreven zijn, worden bij protocollen de boeken genoemd die de basis vormen van de diverse behandelmodules die in Nederland worden toegepast.
Behandeling van een eetstoornis vindt altijd plaats volgens het “stepped-care” model. Dit houdt in dat in eerste instantie de minst belastende, goedkoopste en kortste vorm van behandeling wordt aangeboden die mogelijk is en waarvan effect kan worden verwacht gezien de aard en de ernst van de problematiek (Dalle Grave e.a., 2000; Wilson, 2000). Uit onderzoek is ook gebleken dat klinische opname niet effectiever is dan ambulante behandeling. Bij voorkeur wordt de patiënt dus ambulant behandeld zodat deze niet uit zijn/haar vertrouwde omgeving wordt gehaald. Uit een goed diagnostisch proces moet blijken wat de passende behandeling voor de patiënt is (Gowers, 2008).
Eetstoornissen kunnen, ambulant, poliklinisch of (dag)klinisch worden behandeld en bij voorkeur door een multidisciplinair team met tenminste een psychiater, (gezins-) therapeut, diëtist en bij ernstig ondergewicht een kinderarts. Een essentieel aspect van de behandeling is psycho-educatie over de betreffende eetstoornis.
In elke behandeling voor eetstoornissen moet aandacht zijn voor thematiek rond ambivalentie en motivatie. Het gebruik van op zichzelf staande motivatietechnieken lijkt daarbij minder effectief dan het zoeken naar manieren om binnen een behandeling de motivatie te vergroten.
Behandeling met betrekking tot de somatiek en diëtetiek staat in betreffende stukken beschreven.
Ambulante behandeling: Ambulante therapie kan plaatshebben in een jeugd-ggz instelling maar ook bij een zelfstandige therapeut. Een jeugd-ggz instelling met specialistische kennis van eetstoornissen heeft echter de voorkeur omdat deze ook ambulant multidisciplinaire zorg kan bieden.
Klinische behandeling: In het geval van klinische behandeling wordt gebruik gemaakt van faseprogramma’s (principe afkomstig van Rintveld). In faseprogramma’s wordt vaak rekening gehouden met aspecten van de motivatie van de patiënt. Een andere leidraad is gewichtstoename. In het Maudsley Model speelt ook de behoefte aan steun van derden, en het vermogen om weer zelfstandig gezind eetgedrag te vertonen, een rol. In de praktijk spelen combinaties van deze drie factoren en rol, en wordt per individu bekeken of een stap naar een volgende fase van het behandelprogramma gemaakt kan worden. Behandeling draait om groeien aan grenzen en dit wordt in de verschillende behandelfasen uitgewerkt. Het faseprogramma bestaat uit vier fasen. Per fase krijgt de patiënt steeds meer vrijheid en eigen verantwoordelijkheid. Afhankelijk van de ernst hoeft de patiënt niet alle fasen te doorlopen, ook hier geldt het “stepped-care” model.
Werkzame elementen in aanpak van verpleegkundigen: In 2009 (Van Ommen e.a., 2009) is een onderzoek uitgevoerd naar de invloed van verpleegkundigen tijdens de behandeling van anorexia nervosa bij adolescenten in de kliniek. Uit dit onderzoek kwamen drie belangrijke thema’s naar voren: normalisatie, structuur en verantwoordelijkheid. De focus van deze thema’s verschuift tijdens de verschillende fasen van behandeling maar interventies op dit gebeid zijn gedurende de hele behandeling heel waardevol gebleken voor het herstel, vanuit het oogpunt van de patiënten. In onderstaand schema wordt de rol van de verpleegkundige duidelijk beschreven.
Figuur 1: Theoretisch model van Van Ommen e.a. (2009)
Cognitieve gedragstherapie: Cognitieve gedragstherapie wordt voor zowel de behandeling van anorexia nervosa, boulimia nervosa en eetbuienstoornis ingezet maar is voornamelijk bewezen effectief voor de behandeling van boulimia nervosa en eetbuienstoornis. Cognitieve gedragstherapie focust op het veranderen van gedrag en gedachten die de eetstoornis in stand houden (Gowers, 2008). Cognitieve gredragstherapie is een onderdeel in de systeemtherapeutische behandelingen, en worden beschreven door Lock, Stewart Agras & LeGrange (2002), Treasure, Smith & Crane (The New Maudsley Model, 2007) en Jansen, Elgersma & Mulkens (2008, gebaseerd op het behandelprotocol van Fairburn 1993). Bij eetbuienstoornis met overgewicht is het vaak belangrijk de ouders ook mee te behandelen en een oudertraining op gedrag, bijvoorbeeld ten aanzien van voedselpreferenties aan te bieden. De behandelmethode biedt naast cognitieve technieken worden ook exposure-oefeningen (lichaamsbeeld) en gedragsexperimenten. Eetbuienstoornis bij kinderen met overgewicht worden altijd behandeld vanuit een multidisciplinair behandelprogramma (Braet e.a., 2008).
Interpersoonlijke psychotherapie: Interpersoonlijke psychotherapie is vooral bewezen effectief voor de behandeling boulimia nervosa en eetbuistoornis. De gedachte is dat problemen blijven bestaan door moeilijkheden in huidige relaties en dat deze kunnen veranderen door deze gericht aan te pakken (Wilson e.a., 2010; Gowers, 2008; McIntosh e.a., 2005).
(Meer)Gezinsbehandeling: Gezinsbehandeling heeft de meeste evidentie voor de behandeling van anorexia nervosa bij kinderen en adolescenten (Gowers, 2008; Loeb e.a., 2007; Eisler, 2005). Het Maudsley Model (Lock, e.a., 2001) is de basis voor gezinsbehandeling, het model focust zich op gedragsverandering met betrekking tot eten om zo gewichtstoename te bereiken. Ouders spelen hierin een ondersteunende rol en worden niet aangewezen als oorzaak van de eetstoornis. Ouders worden aangemoedigd hun kind te helpen bij het hervoeden en worden bewust gemaakt van de belangrijke rol die ze hierin spelen (Gowers, 2008). Naar aanleiding van dit model is ook de meergezinsbehandeling ontwikkeld. De Multi Family Therapy van Eisler (2005) richt zich op het aanpassingsvermogen van de individu en het gezin als geheel. Ook de Multifamilientherapie van Asen & Scholz (2009) is gebaseerd op het Maudsley Model en wordt voor zowel de behandeling van anorexia nervosa als boulimia nervosa ingezet. Hoewel er aan het eind van de behandeling weinig verschil in effect is tussen gezinstherapie en therapie waarbij de adolescent centraal staat, lijkt gezinstherapie iets effectiever in het bewerkstelligen van volledige remissie bij follow-up na een jaar (Lock e.a 2010). Vooral bij patienten met ernstiger vormen van anorexia nervosa hebben baat bij gezinstherapie (LeGrange e.a., 2011). Recentelijk bleek gezinstherapie toegevoegd aan een multimodaal programma met name gericht op de familiedynamiek in plaats van op de eetstoornis, de behandelingsuitkomst te verbeteren in een randomized controlled trial studie (Godart e.a., 2012).
Wanneer de eetstoornis onder controle is kan gewerkt worden aan onderliggende problematiek. Tijdens deze (vervolg)behandeling moet altijd rekening worden gehouden met de kans op terugval. Voor de terugvalpreventie van anorexia nervosa is in 2009 in samenwerkingsverband de Richtlijn Terugvalpreventie Anorexia Nervosa ontwikkeld (Berends, Van Meijel & Van Elburg, 2009).
|
|
Samenvatting van Jongeren met eetstoornissen |
|
|
Samenvatting en beoordeling van Richtlijn Terugvalpreventie Anorexia Nervosa, deel I en deel II Download hier het werkboek Terugvalpreventie Jeugd |
|
|
Samenvatting en beoordeling van Praxis der Multifamilientherapie (Meergezinsbehandeling) |
|
|
Samenvatting en beoordeling van Eating Disorders, Cognitive behavioural therapy with children and young people |
|
|
Samenvatting van Treatment manual for anorexia nervosa, a family-based approach |
|
|
Samenvatting en beoordeling van Skills-based learning for caring for a loved one with an eating disorder, the new Maudsley Method |
|
|
Beschrijving van de Parent's Guide |
|
|
Samenvatting en beoordeling van Protocollaire behandeling van boulimia nervosa en verwante eetstoornissen (Jansen e.a., 2008 in Braet & Bögels) |
Berends, Van Meijel & Van Elburg. (2009). Richtlijn Terugvalpreventie Anorexia Nervosa.
Braet C, Moens E & Mels, S. (2008) Multidisciplinaire behandeling van kinderen met overgewicht. In: Braet C & Bögels S (red.), Protocollaire behandeling van kinderen metpsychische problemen. Amsterdam: Boom, 2008.
Dalle Grave, R., V. Ricca, T. Todesco. (2000). The Stepped-care approach in anorexia nervosa en bulimia nervosa: Progress and problems.
Eisler I. (2005). The empirical and theoretical base of family therapy and multiple family day therapy for adolescent anorexia nervosa. Journal of Family Therapy: 27: 104-131
Elburg, van, AA, Rijken ME. (2004). Jongeren met eetstoornissen, behandeling in een zorglijn. Van Gorcum, Assen
Godart N, Berthoz S, Curt F, Perderau F, Rein Z, Wallier J, Horreard A-S, Kaganski I, Lucet R, Atger F, Corcos M, Fermanian J, Falissard B, Flament M, Eisler I, & Jeammet (2012). A randomized controlled trial of adjunctive family therapy and treatment as usual following inpatient treatment for anorexia nervosa adolescents. PLoS ONE 7: e28249
Gowers SG. (2008). Management of eating disorders in children and adolescents. Arch Dis Child; 93: 331-334
Jansen A, Elgersma H, Mulkens, S (2008). Protocollaire behandeling van boulimia nervosa en verwante eetstoornissen. In: Braet C & Bögels S (red.), Protocollaire behandeling van kinderen met psychische problemen. Amsterdam: Boom, 2008
Le Grange D, Lock J, Agras WS, Moye A, Bryson SW, Jo B, & Kraemer H (2011). Moderators and mediators of remission in family-based treatment and adolescent focused therapy for anorexia nervosa. Behaviour Research and Therapy 50: 85-92
Lock J, le Grange D, Agras WS & Dare C (2001) Treatment manual for anorexia nervosa. a family based approach. New York: The Guilford Press, 2001.
Lock J, Le Grange D., WS Angras, Moyen A, Bryson SW, & Jo B (2010). Randomized clinical trial comparing family-based treatment with adolescent-focused individual therapy for adolescents with anorexia nervosa. Archives of General Psychiatry 67:1025-1032.
Loeb KL, Walsh, BT, Lock J, Le Grange D, Jones J, Marcus S, Weaver J, Dobrow I. (2007). Open trial of family-based treatment for full and partial anorexia nervosa in adolescence: evidence of successful dissemination. J. Am. Child Adolsc. Psychiatry: 46: 7: 792-800
McIntosh VVW, Jordan J, Carter FA, Luty SE, McKenzie JM, Bulik CM, Frampton CMA, Joyce PR. (2005). Three psychotherapies for anorexia nervosa: a randomized, controlled trial. Am J Psychiatry: 162: 741-747
Treasure J, Claudino AM, Zucker N. (2010). Eating disorders. Lancet; 375: 583-593
Trimbos 2006, Multidisciplinaire Richtlijn eetstoornissen
Verheij F, Verhulst FC, Ferdinand RF. (2007). Kinder- en jeugdpsychiatrie, behandeling en begeleiding. Van Gorum, Assen
Wilson GT, Wilfley DE, Stewart Agras S, Bryson SW. (2010). Psychological treatments of binge eating disorder. Arch gen psychiatry; 67: vol 1: 94-101
Wilson, G.T., K.L. Loeb, K.M. Vitousek (2000) Stepped care treatment for eating disorders. Journal of Consulting and Clinical Psychology, vol 68, no 4, 564-572







